Zoals eerder gezegd: Ezels leven van nature in dorre gebieden waar weinig te eten is. Als gevolg daarvan zijn ze van nature niet erg kieskeurig. Ze kunnen zo ongeveer alles eten. Maar niet alles is goed voor ze. Sommige dingen zelfs ronduit slecht. Pas dus goed op dat in de nabijheid van ezels geen giftige dingen staan of groeien. Ook zijn er veel soorten voeding waar ezels wel dol op zijn, maar die (in te grote hoeveelheden) niet goed voor ze zijn.

Ezels hebben in de zomer voldoende aan gras, aangevuld met vezelrijk, schoon, droog, schimmelvrij, stengelig hooi en stro. In de winter blijft stro de belangrijkste voedingsbron. Stro is minder eiwitrijk dan hooi en voorziet bovendien goed in de behoefte aan vezels. Ze mogen het soms (afhankelijk van de soort stro) onbeperkt eten! Omdat ezels in de winter wat meer energie nodig hebben om zich warm te houden mag de hoeveelheid hooi in de winter, vergeleken met voor- en najaar, wel wat omhoog. Maar als ze de hele winter stil in de stal staan ligt wel de kans van overgewicht op de loer. Probeer ze dus ook in de winter regelmatig in de weide of paddock te laten. Bewegen is goed! Kuilgras is ongeschikt voor ezels.

Hoeveel een ezel precies mag eten hangt natuurlijk af van allemaal factoren, zoals beweging, dieet, ras en individu.

 

Als ezels tussen de 1.05 m en 1.12 m (stokmaat op schofthoogte) zijn, mogen ze ongeveer 160 – 170 kg (hoogstens 180 kg) wegen.

Stro en hooi
Zorg voor voldoende en goed stro. Stro is zowel een bodembedekker in de stal als voedsel. Er zijn drie typen stro die het meest als bodembedekking worden gebruikt – gerst, haver en tarwe.

Gerstestro is het meest geschikt als ligstro, als de ezel gezond en goed op gewicht is. Het heeft een lagere voedingswaarde dan haverstro, maar is voedzamer dan tarwestro. Het is comfortabel als ligstro en draineert vrij goed.

Haverstro is voedzamer dan gerste- en tarwestro, en makkelijker verteerbaar. Omdat het zo makkelijk verteerbaar is eten ze er vaak meer van dan goed is voor hun ideale gewicht. Daarom kun je er beter geen bergen van in de stal als strooisel leggen.

Tarwestro heeft de laagste voedingswaarde en is vanwege de scherpe kanten minder comfortabel als strooisel. Het draineert ook minder goed en kan stoffig zijn. Eigenlijk is tarwestro alleen goed als voedsel als ezels moeten afvallen.

Het handigst is dus: gebruik gerstestro, zowel als voedsel en als bodembedekker.

Stro is ook nog de goedkoopste bodembedekker. Het enige nadeel van stro als bodembedekker is dat als de ezel ademhalingsproblemen heeft, stro wel eens wat te stoffig kan zijn, dan is een stofvrij alternatief verstandiger.

Aanvullend op Hooi en Stro
Maïs : een favoriet van veel ezels, maar bevat helaas veel energie en suikers, dus hoogstens een halve kilo per dag.

Suikerbieten(pulp): vinden ezels vaak erg lekker, maar er zit veel suiker in. Naast suiker zit er ook veel ruwe vezel in en is het goed verteerbaar. Goed voor ezels als ze snel moeten aankomen (bijvoorbeeld herstellen na een ziekte), of bij gezonde ezels echt met mate.
Biks, vlokken, koeken: ezels zijn hier vaak gek op, maar bij goede kwaliteit hooi en stro eigenlijk niet echt nodig. Hoogstens als aanvulling op het gewone voer, maximaal  ¼ kg van het totale gewicht van het voer. Omdat ezels dit soort voer anders verteren, liever niet tegelijk met ander voer geven. Mengsel voor paarden kun je wel geven, maar is niet ideaal: er zijn tegenwoordig ook brokkenmixen te krijgen die speciaal zijn afgestemd op ezels.

Keukenafval: heel af en toe een appel of wat schillen kan, maar echt met mate. Keukenafval is niet voor ezels.

Wortels: 1 à 2 kg per dag. Bevatten veel vitamine A. Ook in de kou zeer aan te raden om dat ze veel vocht bevatten, zodat ezels minder hoeven te drinken. Teveel aan wortels kan normaal geen kwaad, het werkt alleen wat laxerend.

Wilgentakken: Wilgentakken zijn niet alleen lekker, wilgentakken of blaadjes werken als natuurlijke pijnstiller. Maar ook hier geldt: alles, dus ook wilgentakken, met mate.)

Liksteen: Een liksteen in de stal of de wei voorziet ezels van mineralen, sporenelementen en vitaminen. Belangrijk is een liksteen vooral voor de zoutvoorziening. Maar het is nooit een vervanging van gezonde voeding, hoogstens een aanvulling!

Ezels die genoeg vezels binnen krijgen en niet te veel suiker eten en dus goed op gewicht zijn en blijven, lijden minder aan hoefbevangenheid, hoefproblemen en zwaarlijvigheid. Kortom: een goed en gebalanceerd dieet is de basis voor een lang en gezond ezel leven!

Verdeel het voer over de dag
Gelet op het verteringsstelsel van de ezel is het het beste om de verschillende soorten voeding gescheiden aan te bieden. Begin ’s morgens met een gedeelte van de dagelijkse portie hooi en stro, ’s middags gevolgd door de eventuele wortels, appels en voederbieten en ’s avonds het restant van het hooi. Staan er brokken op het menu, begin daar dan de dag mee, geef ’s middags wortelen en voederbieten en ’s avonds stro.

Voeding oudere ezels
Soms komt er het moment dat ezels met hun tanden niet meer hooi en stro kunnen vermalen.  Je kan dat zien als er veel kleine plukjes half vermalen hooi rondom de voerplek liggen. In dat geval kun je overschakelen op ruwvoer vervangers.

Vloer voerbak
In het wild grazen ezels met de kop omlaag. Het is niet goed om ezels alles uit ruiven of netten te laten eten. Het is een ongezonde onnatuurlijke houding en bovendien kunnen er stro- of hooideeltjes in de ogen en oren van de ezels vallen. Ook kunnen ze daardoor sneller ademhalingsproblemen krijgen. Daarom is het het beste om ze uit speciale vloer voerbakken, zonder scherpe randen te laten eten. Doe voldoende stro in de bakken zodat ze er echt in moeten grazen. Eventueel geknoeid hooi of stro kan de volgende dag als bodembedekking worden gebruikt.

Water
Ezels zijn heel kieskeurig over wat ze drinken: schoon, vers water! Een stevig vastgezette emmer of zelf vullende waterbak is ideaal, maar zorg wel dat deze dagelijks wordt verschoond. Houd bij gebruik van een emmer goed zicht op de hoeveelheid die de ezels drinken: afwijkend drinkgedrag kan duiden op ziektes. Een zelf vullende waterbak daarentegen voorkomt dat ze zonder drinken komen te staan.

Om te voorkomen dat de waterbak in de winter bevriest, kun je een kleine voetbal op het water laten drijven zodat het oppervlak in beweging blijft. Er zijn ook waterbakken met (verwarmde) vlotter verkrijgbaar. Zet de waterbak eventueel zo dat hij overdag zoveel mogelijk in winterzon staat, dat helpt ook tegen bevriezen. Zet in de winter, als de ezels daar tenminste bij kunnen, ook altijd water in de stal neer, daar bevriest het minder snel.

Afhankelijk van grootte en beweging en vooral van voedsel drinken ezels gemiddeld zo’n 18 liter per 24 uur. Vooral in de winter bij het voederen van hooi, drinken de ezels veel.

 Te dik?
Net als bij mensen is een te hoog gewicht voor ezels de bron van allerlei klachten en moet overgewicht ook echt vermeden of verminderd worden. Let wel op, te snel afvallen is voor ezels heel erg slecht: ze mogen maximaal twee kg per maand verliezen (anders is er kans op het ontstaan van hyperlipaemie en hyperproteinaemie, dat is teveel vet, respectievelijk teveel eiwit in het bloed). Probeer er ook achter te komen waarom de ezel te zwaar is. Is het te veel eten, verkeerd eten of is er wat anders aan de hand? Als je twijfels hebt over het gewicht van je ezels mail ons dan gerust op: info@ezelsocieteit.nl